Hoe werkt een padeltoernooi?
Een officiëel padeltoernooi speel je in een categorie op speelsterkte, van 9 voor een beginner tot 1 voor de top. Bij veel inschrijvingen speel je een afvalschema, bij minder inschrijvingen poules waarin iedereen meerdere wedstrijden speelt. Elke officiële wedstrijd telt mee voor je rating bij de KNLTB.
Categorieën en speelsterkte
Toernooien zijn ingedeeld in herendubbel, damesdubbel en gemengd dubbel, per speelsterkte: HD 7 is bijvoorbeeld het herendubbel voor spelers met speelsterkte 7. Elke speler in Nederland heeft zo'n speelsterkte, een heel getal van 9 (beginner) tot 1 (top). Je begint op 9 of 8. Zo speel je tegen spelers van je eigen niveau en krijg je wedstrijden die beter bij je passen.
Poules of afvalschema
In een poule speel je tegen iedereen in je groep, meestal twee of drie wedstrijden, en gaan de beste paren door naar de halve finale of de finale. In een afvalschema lig je eruit na een verloren wedstrijd. Welke vorm de organisatie kiest, hangt af van het aantal inschrijvingen. Op een dag speel je hoogstens drie wedstrijden, met minstens een half uur rust ertussen.
Rating en ranking
Naast je speelsterkte heb je een rating: een getal met vier cijfers achter de komma dat na elke officiële toernooi- of competitiewedstrijd meebeweegt. Sinds 2025 telt daarin niet alleen winst of verlies, maar ook het aantal gewonnen games en de sterkte van je tegenstanders. Aan het eind van het seizoen volgt uit je rating je speelsterkte voor het jaar erna. De nationale ranglijst is er alleen voor de hoogste speelsterktes.
Inschrijven en afspraken
Inschrijven doe je via MijnKNLTB of toernooi.nl, samen met je partner. De organisatie bepaalt vooraf de ballen, de telling (bijna altijd golden point en een supertiebreak in plaats van een derde set) en het speelschema. In een toernooi is er een wedstrijdleider en worden de rusttijden gecontroleerd; wie tien minuten te laat is, heeft verloren.
Voor je eerste toernooi
Ken de regels voordat je je inschrijft. In een toernooi kun je een twijfelgeval niet zomaar overspelen zoals op de club; je moet weten wat er geldt bij een netbal, een bal via het hek of een verkeerde servicevolgorde. Wie de regels kent, speelt rustiger en wint vaker de punten die anderen weggeven.